Wat een jaar!
Vandaag is het precies één jaar geleden dat ik werd beëdigd als lid van het Europees Parlement – een jaar vol successen en leermomenten.
Er waren momenten van trots.
Samen met mijn team hebben we keihard gewerkt aan een wetenschappelijk onderbouwde voedselvisie voor Europa, en behoorden we tot de eersten in Europa die kweekvlees proefden. Ik werd rapporteur op het dossier over biocontrole, met als doel een wereld zonder chemische pesticiden. We zochten de samenwerking op met partijen aan de andere kant van het politieke spectrum, waaronder de BBB, om de polarisatie in het debat te verminderen. Ik bezocht de Bulgaarse grenzen om de uitvoering van het EU-asiel- en migratiepact te monitoren en werkte samen met humanitaire NGO’s om detentiecentra in Albanië te bezoeken. Ik onderhandelde over de EU Talent Pool en liep mee in de verboden Budapest Pride. En nog veel meer.
Er waren ook momenten van grote teleurstelling. Het migratiebeleid wordt steeds harder en er zijn steeds minder stemmen die opkomen voor asielzoekers of pleiten voor praktische, menselijke oplossingen. Ik heb Europa altijd gezien als een verdediger van mensenrechten, maar het totale gebrek aan reactie op de humanitaire crisis in Gaza heeft dat beeld aan het wankelen gebracht.
Dit eerste jaar heeft duidelijk gemaakt: er is veel om hoopvol over te zijn, maar ook nog ontzettend veel om voor te strijden.
Deze zomer ga ik opladen en reflecteren. Daarna kan ik vol energie het volgende parlementaire jaar in!